Absolute snelheidsbeperkingen

Dit zijn de becijferde snelheidsbeperkingen, die aangegeven worden door snelheidsborden of borden die per definitie een bepaalde snelheid toelaten.

Wist je dat op een openbare weg, verdeeld in minimum 4 rijstroken waarvan er minstens 2 voorzien zijn in dezelfde rijrichting, gescheiden door een vaste middenberm de snelheid op maximum 120 km/uur ligt buiten de bebouwde kom? Dit kan natuurlijk verminderd worden door een snelheidsbord van bijvoorbeeld 70 km/u of 90 km/u.

Wist je dat in Vlaanderen de snelheid buiten de bebouwde kom standaard maximum 70 km/u bedraagt en in Brussel en Wallonië de maximumsnelheid 90 km/u bedraagt? Dit is ook zo op een openbare weg met minstens 4 rijstroken waarvan minimum 2 in dezelfde rijrichting, gescheiden door een wegmarkering.

Wist je dat een zone 30 geldt tot het einde van de zone 30 en een snelheidsbord met 30 in vermeld geldt tot en met het volgende kruispunt?

Dit zijn absolute snelheidsbeperkingen.

Relatieve snelheidsbeperkingen

Hierbij hebben we het gezond verstand nodig, altijd dubbele voorzichtigheid. Drukte, zichtbaarheid, staat van de weg en het weer zijn voorbeelden van factoren die een invloed hebben op de snelheid van bestuurders.

Als de wegen er glad bij liggen, er kan sneeuw op komst zijn in deze periode van het jaar, houd je extra afstand van je voorligger en beperk je je snelheid tot een ‘gezonde snelheid’. Niet te traag, maar zeker niet te snel.

Veiligheidsafstand

Hoe weet je of je nu de juiste veiligheidsafstand hebt? Je kunt gebruik maken van een referentiepunt. Door te kijken naar een paal/boom en wanneer je voorligger daar is, begin je tellen 21, 22. Als je al voorbij de paal/boom bent vooraleer je 22 luidop hebt gezegd, dan heb je zeker niet voldoende afstand. Bij nat wegdek moet je tellen 21-22-23. Vertrek dus liever een beetje vroeger dan gehaast te zijn op de weg. Er bestaat ook een liedje dat kan gebruikt worden: last night a dj saved my life.